Deze aanleveringvoorwaarden zijn van toepassing op alle aanbiedingen van afvalstoffen aan Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v.
Met het aanbieden van afvalstoffen stemt de aanbieder in met de inhoud van dit reglement.

Artikel 1 Aanbieden van afvalstoffen

  1. Aan te bieden afvalstoffen dienen van te voren worden aangemeld bij de administratie van Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v.. Hiervoor zal dan een afvalstroomnummer worden toegekend, waaronder de afvalstoffen op de inrichting kunnen worden aangeboden.
  2. Alle aangevoerde en te accepteren vrachten afval dienen vergezeld te gaan van een, door de provincie goedgekeurde, geleidebiljet waarop minimaal de volgende gegevens worden vermeld:
    – afvalstroomnummer (indien van toepassing)
    – afvalsoort / samenstelling
    – euralcode
    – be-/ verwerkingscode
    – eventueel de geschatte hoeveelheid afvalstoffen
    – het al of niet aanwezig zijn van een analyserapport m.b.t. de afvalstoffen
    – datum aanvang transport
    – kenteken
    – aanbieder en vervoerder
    – herkomst van de afvalstoffen
    – geadresseerde en afleveringsadres
    – handtekening ontdoener
    – handtekening vervoerder
    (een voorbeeld van een goedgekeurd geleidebiljet is aan te vragen bij de administratie)
  3. De afvalstoffen moeten op een verantwoorde wijze worden aangevoerd, zodat geen gevaar/schade voor het milieu en/of de directe omgeving kan ontstaan.
  4. Bij binnenkomst dient elke vracht afvalstoffen te worden gewogen en dient de chauffeur zich te melden aan het loket (kantoor). Op het terrein dienen de instructies van het daar aanwezige personeel opgevolgd te worden.
  5. De in Artikel 2; punt 5 van deze aanleveringvoorwaarden genoemde afvalstoffen mogen worden aangeboden op de inrichting.
  6. Het is verboden gevaarlijk afval en GFT-afval aan te bieden op de inrichting.
  7. Afval kan worden aangeboden tijdens de openingstijden van de inrichting:
    – maandag t/m vrijdag: 7.00 uur – 17.00 uur
    – zaterdag:  8.00 uur – 12.00 uur

Artikel 2. Acceptatie van afvalstoffen.

  1. Afval wordt alleen geaccepteerd tijdens de openingstijden van de inrichting (zie Artikel 1; punt 7).
  2. Een vracht afval wordt alleen geaccepteerd indien deze vergezeld gaat van een geldig en goed ingevuld geleidebiljet.
  3. De vracht afval wordt, nadat de chauffeur zich aan het loket heeft gemeld, gewogen en geregistreerd (geleidebiljet en weegbon).
  4. Afval wat wordt aangeboden mag geen optische verontreinigingen bevatten. De acceptant beslist of de partij geaccepteerd wordt zoals hij is aangeboden. Indien blijkt dat de samenstelling niet overeenkomt met de informatie op het geleidebiljet, dient dit geleidebiljet (indien mogelijk) aangepast te worden. Als blijkt dat de partij als zodanig niet geaccepteerd mag worden, zal deze worden geweigerd.
  5. De volgende afvalstoffen kunnen worden geaccepteerd op de inrichting:
    – bouw en sloopafval (sorteerbaar of gesorteerd), bestaande uit:
    – steenachtige fracties, alle houtachtige fracties, (non)ferro metalen, grond/zand, kunststoffen, brandbare restfractie en/of niet brandbare restfractie.
    – houtafval  A-kwaliteit:
    – maximaal 10 % geschilderd, massief hout.
    – houtafval  B-kwaliteit:
    – gelijmd en geschilderd hout.
    – houtafval  C-kwaliteit:
    – verduurzaamd, verrotof verbrand hout (waaronder bielzen).
    – puinafval (mag geen asfalt bevatten)
    – asfalt, asfaltpuin
    – bladafval
    – stobben
    – plantsoenafval
    – takken / snoeihout
    – grasafval
    – overig (gemengd) groenafval
    – grond en zand (niet verontreinigd)
  6. Het aangeboden afval mag en zal niet worden geaccepteerd indien dit:
    – (zelf)ontplofbaar is, zelf ontbrandbaar is;
    – met water, lucht of andere afvalstoffen exotherme reacties kan aangaan;
    – brandbare of giftige gassen kan ontwikkelen;
    – vlees- of visafval bevat;
    – radioactief is of ioniserende straling uitzendt;
    – (restanten van) bestrijdingsmiddelen uitzendt;
    – explosieve stoffen (bijvoorbeeld gasflessen) bevat.
  7. Na registratie en acceptatie van de afvalstoffen dient de vracht te worden gestort op een door het aanwezige personeel aangewezen lokatie.

Artikel 3. Weigering van vrachten afvalstoffen.

  1. Een partij kan worden geweigerd indien:
    – de vracht afwijkt van de gegevens op het geleidebiljet en of het geleidebiljet niet correct is ingevuld (deze dient dan eerst aangepast te worden)
    – er geen afvalstroomnummer is afgegeven voor het soort afval en de herkomst van het afval (indien mogelijk dient dit dan eerst geregeld te worden)
    – het afval niet mag worden geaccepteerd op grond van de vergunning (o.a. gevaarlijk afval, GFT-afval)
  2. Bouw- en sloopafval dat afkomstig is van een verdachte lokatie wordt niet geaccepteerd, tenzij uit de sloopvergunning blijkt dat het niet-verontreinigd bouw- en sloopafval betreft.
  3. Indien na het storten van een vracht blijkt dat hierin afvalstoffen voorkomen die op grond van de vergunning en deze aanleveringvoorwaarden niet geaccepteerd mogen worden, dienen deze afvalstoffen alsnog te worden afgevoerd.
  4. Niet geaccepteerde materialen dienen onmiddellijk te worden afgevoerd. Indien de aanbieder / ontdoener (ook na schriftelijke aanmaningen) hiervoor geen zorg draagt, wordt het afval op kosten van de ontdoener afgevoerd.
  5. Bij weigering kan de ontdoener worden doorverwezen naar een vergunninghoudende inrichting die de afvalstoffen wel mag accepteren.

Artikel 4. Aansprakelijkheid.

  1. De aanbieder/vervoerder dan wel een derde die namens hen afval aanbiedt, is aansprakelijk voor de schade door hen, hun personeel of het door hen gebruikte materiaal dan wel de door hen aangevoerde afvalstoffen veroorzaakt aan het personeel dan wel eigendommen van Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v.
  2. Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v. aanvaart geen aansprakelijkheid voor eventuele schade ten gevolge van het betreden van de inrichting. De aanbieder/vervoerder vrijwaart Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v. tegen deze eventuele schadeaansprakelijkheden.
  3. De aanbieder/vervoerder mag geen hinder veroorzaken of de normale gang van zaken op de sorteerinrichting belemmeren.

Artikel 5. Geschillen

  1. In gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de directie van Cultuurtechniek H.G. van Dorresteijn b.v.
  2. Dit reglement treedt in werking op 1 februari 1999.